Pensioenleeftijd van 67 naar 68 jaar

Vanaf 1 januari 2018 verhoogt SPW de pensioenleeftijd. De pensioenleeftijd gaat van 67 naar 68 jaar, omdat de aanpassing in de fiscale regelgeving hierom vraagt. Door de verhoging van de pensioenleeftijd kan uw werknemer tot zijn AOW-leeftijd blijven deelnemen aan de pensioenregeling van SPW. Het kan zijn dat uw werknemers hier vragen over hebben. Op deze pagina vindt u de meest gestelde vragen en antwoorden.

28-11-2017

Vanaf 1 januari 2018 worden de fiscale grenzen voor pensioenopbouw aangepast. Om binnen de fiscale grenzen te blijven, verhoogt SPW de pensioenleeftijd van 67 naar 68 jaar. Dat wil niet zeggen dat uw werknemers later met pensioen moeten gaan. Dat kan nog steeds vanaf 55 jaar. Het opgebouwde pensioen zal dan wel lager zijn dan nu.

Vanaf 1 januari 2018 hanteert SPW een pensioenleeftijd van 68 jaar. In 2018 ontvangt uw werknemer 6 maanden voor AOW-leeftijd een aanvraagformulier van SPW. Bij SPW kan uw werknemer uiteraard ook eerder of later met pensioen.

Hij kan op zijn vroegst op zijn 55e met pensioen gaan. Hij kan zijn pensioen uitstellen tot zijn 70e. Welke mogelijkheden hij heeft, hangt af van de persoonlijke situatie. Hiervoor moet hij wel aan een aantal voorwaarden voldoen. Uw werknemer kan ervoor kiezen om na zijn pensioenleeftijd te blijven werken. Dit kan tot zijn 70e. Meer informatie vindt op de pagina ‘Met pensioen gaan’.

Als uw werknemer pensioen heeft aangevraagd bij SPW, gaat hij met pensioen op de door hem gekozen ingangsdatum. De verhoging van de pensioenleeftijd vanaf 1 januari 2018 heeft een beperkte invloed op zijn pensioenuitkering.
Vanaf 1 januari 2018 hanteert SPW een pensioenleeftijd van 68 jaar. Uw werknemer kan echter zijn pensioen vanaf 55-jarige leeftijd in laten gaan. Hij moet dit wel zelf 2 maanden van te voren aanvragen bij SPW.