Deze drie pensioenen bouwt u op bij SPW:
- Ouderdomspensioen: een maandelijkse uitkering die u vanaf uw 65e krijgt tot het moment dat u overlijdt. De hoogte van uw ouderdomspensioen hangt grotendeels af van het aantal jaren dat u hebt deelgenomen aan de SPW-pensioenregeling en de hoogte van uw salaris.
- Vroegpensioen: een maandelijkse uitkering die u kunt gebruiken om eerder dan uw 65e met pensioen te gaan, dat kan vanaf 55 jaar. De hoogte van uw vroegpensioen hangt af van het aantal jaren dat u hebt deelgenomen aan de SPW-pensioenregeling en de hoogte van uw salaris.
- Partnerpensioen: een maandelijkse uitkering die uw partner krijgt vanaf het moment dat u bent overleden. Het partnerpensioen bedraagt 70% van het te bereiken ouderdomspensioen, als u actief deelneemt aan de pensioenregeling. Als u ooit pensioen hebt opgebouwd bij SPW maar dat nu niet meer doet, is de berekening anders.
Pensioen opbouwen
Dat u deze pensioenen opbouwt, wil eigenlijk zeggen dat er een spaarpot voor u is aangemaakt waar maandelijks een bedrag bij wordt gestort. Mocht u ooit in een andere sector gaan werken en dus ook uw deelname aan de pensioenregeling van SPW stoppen, dan blijft het opgebouwde tegoed aan partner- of ouderdomspensioen staan. U blijft er altijd recht op hebben. Het wordt uitgekeerd als u 65 wordt (ouderdomspensioen) of als u overlijdt (partnerpensioen). Dit geldt niet meer als u besluit om de waarde van het opgebouwde pensioen over te zetten naar het nieuwe pensioenfonds. Daarover leest u meer bij Waardeoverdracht.