Stichting Pensioenfonds voor de Woningcorporaties
lettertype vergrotenlettertype verkleinen
print
Skip Navigation Linkswww.spw.nl > Algemeen > Geboren voor 1950 > De ingroei-VUT-regeling
De ingroei-VUT-regeling 

In de geschiedenis van de pensioenregeling van SPW zijn er enkele wijzigingen geweest:

1.    Tot 1998 was er sprake van een VUT-regeling.

2.    Vervolgens werd deze regeling in 1998 vervangen door de vroegpensioenregeling. Omdat u geboren bent vóór 1950, valt u nog steeds onder de vroegpensioenregeling. Ook als u pas na 2006 in de woningcorporatiebranche bent komen werken.

3.    Sinds 1 januari 2006 bouwt iedereen die geboren is na 1949 pensioen op volgens de Flexpensioenregeling. Deze werknemers bouwen geen vroegpensioen meer op.

De ingroei-VUT-regeling 
In 1998 is als onderdeel van de Vroegpensioenregeling de zogenaamde ingroei-VUT-regeling bedacht. Deze regeling is voor werknemers die al voor 1998 pensioen opbouwden en dat tot op heden ononderbroken hebben gedaan. Deze werknemers konden namelijk geen volledig vroegpensioen opbouwen (van 25 tot 60-jarige leeftijd). Met de ingroei-VUT-regeling worden deze werknemers gecompenseerd, zodat ze mogelijk toch een volledig vroegpensioen hebben op 60-jarige leeftijd. 

Wanneer komt u hiervoor in aanmerking
Als u geboren bent voor 1950 en sinds 31 december 1997 zonder onderbreking in deze branche werkt, dan heeft u recht op een aanvulling vanuit de ingroei-VUT-regeling. Dit extra pensioen wordt uitgekeerd bovenop het vroegpensioen dat u hebt opgebouwd.

Het recht is voorwaardelijk
Dat betekent dat u recht houdt op extra vroegpensioen vanuit de ingroei-VUT-regeling zolang u in de branche werkzaam blijft. Eindigt uw dienstverband anders dan door de ingang van het vroegpensioen? Dan eindigt ook uw aanspraak op het ingroeirecht, tenzij:

  • u binnen drie maanden weer een dienstverband aangaat binnen de woningcorporatiebranche;
  • uw dienstverband onvrijwillig eindigt, bijvoorbeeld omdat u werkloos wordt. In dat geval hebt u zes maanden de tijd om weer een baan binnen de woningcorporatiebranche te vinden. Het bestuur kan dan besluiten dat uw voorwaardelijke recht op extra pensioen vanuit de ingroei-VUT-regeling niet vervalt.

Let op: deze twee uitzonderingen zijn niet van toepassing als u de branche verlaat:

  • door ontslag met een afvloeiingsregeling*. Dit geldt ook bij tussenkomst van een kantonrechter;
  • door ontslag op staande voet;
  • met een non-activiteitsregeling**.

*Onder een afvloeiingsregeling wordt verstaan de beëindiging van een dienstverband waarbij een vergoeding door de werkgever wordt betaald ter compensatie van het gemiste loon. Dit geldt ook bij ontslag door de rechter.

**Een non-activiteitsregeling is een regeling met uw werkgever waarbij de arbeidsovereenkomst in stand blijft. Uw loon wordt doorbetaald terwijl u niet of nauwelijks werkzaamheden hoeft te verrichten.

Bovenstaande tekst is een eenvoudige weergave van de reglementstekst. U kunt de volledige tekst nalezen in artikel 3 van de Overgangs- en Ingroei-VUT-regeling bij Statuten en Reglementen.