Als u geboren bent na 1949 kan het zijn dat u recht hebt op extra Flexpensioen, dat u onder meer kunt gebruiken om eerder dan uw 65e met pensioen te gaan. Er gelden wel bepaalde voorwaarden voor, daarom wordt het 'voorwaardelijk recht' genoemd.
Wanneer hebt u voorwaardelijk recht op extra Flexpensioen?
Om dit uit te leggen, moeten we eerst even terug gaan in de tijd.
- Tot 1998 was er sprake van een VUT-regeling.
- Vervolgens werd deze regeling in 1998 vervangen door de Vroegpensioenregeling: een werknemer kon, als hij wilde, tussen zijn 55e en 65e vervroegd uittreden*.
- Sinds 1 januari 2006 bouwt iedereen die geboren is na 1949 pensioen op volgens de Flexpensioenregeling. U bouwt geen vroegpensioen meer op. U kunt nog steeds eerder dan 65 jaar met pensioen als u dat wilt.
*Alle werknemers die geboren zijn vóór 1950, vallen nog steeds onder deze vroegpensioenregeling. Ook als ze pas na 2006 in de woningcorporatiebranche zijn gaan werken.
Van ingroei-VUT-regeling naar voorwaardelijk recht
In 1998 is als onderdeel van de Vroegpensioenregeling de zogenaamde ingroei-VUT-regeling bedacht. Deze regeling is voor werknemers die al voor 1998 pensioen opbouwden en dat tot op heden ononderbroken hebben gedaan. Deze werknemers konden namelijk geen volledig vroegpensioen opbouwen (van 25 tot 60-jarige leeftijd). Met de ingroei-VUT-regeling worden deze werknemers gecompenseerd, zodat ze mogelijk toch een volledig vroegpensioen hebben op 60-jarige leeftijd.
Maar sinds 2006 is de ingroei-VUT-regeling, gelijk met de vroegpensioenregeling, komen te vervallen. De rechten die voortvloeien uit de ingroei-VUT-regeling zijn omgezet naar een "voorwaardelijk recht op extra Flexpensioen" voor alle werknemers die na 1949 zijn geboren.
Wat betekent voorwaardelijk recht?
‘Voorwaardelijk’ houdt in dat u dit recht op extra Flexpensioen kwijtraakt, als u de branche verlaat (anders dan door de ingang van uw Flexpensioen) vóór 1 januari 2021.
Er zijn twee uitzonderingen:
u gaat binnen drie maanden weer aan het werk binnen de woningcorporatiebranche;
u bent onvrijwillig gestopt, zoals bij werkloosheid. Het bestuur kan besluiten dat uw voorwaardelijke recht niet vervalt wanneer u binnen zes maanden weer aan het werk gaat binnen de woningcorporatiebranche.
Let op: deze twee uitzonderingen zijn niet van toepassing als u de branche verlaat:
** Een afvloeiingsregeling is elke beëindiging van de arbeidsovereenkomst waarbij een vergoeding door de werkgever wordt betaald ter compensatie van het gemiste loon. Een ontbinding van de arbeidsovereenkomst door de rechter onder toekenning van een vergoeding valt hier ook onder.
*** Een non-activiteitsregeling is een regeling met uw werkgever waarbij de arbeidsovereenkomst in stand blijft. Uw loon wordt doorbetaald terwijl u niet of nauwelijks werkzaamheden hoeft te verrichten.
Bovenstaande is een eenvoudige weergave van de reglementstekst. U kunt de volledige tekst nalezen in artikel 68 in combinatie met artikel 1 van het Flexpensioenreglement bij Statuten en Reglementen.
Hoeveel eerder kunt u dan met pensioen?
Dat hangt af van uw persoonlijke situatie: hoe lang hebt u pensioen op kunnen bouwen en hoeveel inkomen heeft u nodig als u met pensioen gaat? U kunt het zelf uitrekenen met de Pensioenplanner van MijnSPW.